De accountovername als opsporingsmethode

Mag het account van een persoon worden overgenomen in een opsporingsonderzoek naar andere verdachten? Deze vraag staat centraal in mijn annotatie (.pdf) bij een uitspraak van de Rb. Noord-Holland op 22 juli 2017, ECLI:NL:RBNNE:2017:2882.

Feiten

In deze kinderpornozaak hebben Zwitserse opsporingsdiensten het account van een verdachte overgenomen. Het account was aangemaakt op GigaTribe, een peer-to-peer netwerk via welke mensen bestanden kunnen uitwisselen. Het werkt alleen als een contactpersoon is toegevoegd, dus het is eigenlijk een zogenoemd ‘friend-to-friend’ netwerk. Over dit netwerk wordt dus ook kinderporno uitgewisseld. In dit geval was blijkbaar een Nederlander als contactpersoon toegevoegd. Een Zwitserse opsporingsambtenaar chatte met de verdachte en de Nederlandse verdachte wisselde tientallen bestanden met kinderporno uit.

Het bewijs van bezit en verspreiding van kinderporno en de beschikbare gegevens over de Nederlandse verdachte werden overgedragen aan de Nederlandse politie die een eigen opsporingsonderzoek startte. Dit leidde tot vervolging en uiteindelijk een veroordeling van 181 dagen gevangenisstraf, waarvan 180 voorwaardelijk, met een proeftijd van drie jaar en een taakstraf van 200 uur.

Grondslag voor overnemen van account in Nederland?

In mijn noot betoog ik dat het overnemen van een account van persoon ook onder Nederlands recht mogelijk is, voorzover de betrokkene daaraan meewerkt. Binnen een opsporingsonderzoek is de grondslag hiervoor de bijzondere opsporingsbevoegdheid van stelselmatige informatie-inwinning. Als van te voren al duidelijk is dat met de accountovername onderdeel wordt gemaakt van een criminele organisatie, dan ligt de bijzondere opsporingsbevoegdheid van infiltratie voor de hand. Bij infiltratie, waarvoor ook toestemming van een bijzondere toetsingscommissie bij het Openbaar Ministerie moet worden verkregen, is het ook mogelijk vooraf afgestemde strafbare feiten te plegen. In een kinderpornozaak als deze ligt daarom de toepassing van de bijzondere opsporingsbevoegdheid infiltratie voor de hand.

Geen onvrijwillige accountovername

Het is volgens mij niet mogelijk zonder toestemming het account van een persoon over te nemen om bewijs te verzamelen in een opsporingsonderzoek. Dat zou neerkomen op de toepassing van hacken als opsporingsbevoegdheid. Het voorgestelde artikel voor de hackbevoegdheid, artikel 126nba Sv, verwijst bovendien niet naar stelselmatige informatie-inwinning of infiltratie als mogelijke toepassing nadat op afstand toegang is verschaft tot een computer waar een verdachte gebruik van maakt.

Nu is het afwachten op een zaak waar deze opsporingsmethode ook in Nederland wordt ingezet. Overigens zou het Openbaar Ministerie naar mijn mening nu al duidelijk moeten maken of – en onder welke voorwaarden – een indringende opsporingsmethode als deze mag worden ingezet. Dat geeft richting aan de officier van justitie die leiding moet geven aan een opsporingsonderzoek en de opsporingsambtenaren die het moeten uitvoeren. Daarnaast biedt het de maatschappij de benodigde duidelijkheid over de wetgeving dat van toepassing is voor digitale opsporingsmethoden. Dit biedt rechtszekerheid en is een essentieel onderdeel van het leven in een rechtsstaat.

Drugshandel via darknet markets en witwassen

In de afgelopen maanden zijn weer verschillende zaken geweest met veroordelingen voor drugshandel via het dark web en het witwassen van de verkregen gelden via Bitcoin. In deze blog zet ik ze nog even op een rijtje. De zaken zijn interessant omdat expliciet het gebruik van het programma ‘Chainanalysis’ voor het analyseren van de oorsprong van bitcoins wordt genoemd en wordt ingegaan op witwastypologieën bij het gebruik van bitcoin door verdachten, zoals het gebruik van bitcoinmixers.

Rechtbank Rotterdam: onderzoek naar oorsprong bitcoins met chainanalysis is OK

In deze zaak van 19 december 2017 handelde de verdachte via localbitcoins.net in bitcoins in ruil voor geld. Nadat het contact tussen verdachte en de bitcoin-eigenaren was gelegd via Twitter of Telegram, werden de bitcoins door de eigenaren overgeschreven, ofwel naar de wallet van verdachte ofwel naar de wallet van de Bitcoin verkoopmaatschappijen Bitonic of Coinvert. Bitonic en Coinvert betaalden de verkoopprijs uit per bank en maakte de bedragen telkens over naar de bankrekeningen van verdachte of van twee van zijn ex-vriendinnen. In totaal is er in de ten laste gelegde periode een bedrag van € 447.882,65 naar deze bankrekeningen overgemaakt.

De stortingen van de bitcoingelden op de bankrekeningen van verdachte en de medeverdachte hebben ertoe geleid dat SNS Bank drie meldingen van verdachte transacties heeft gemaakt bij FIU Nederland. Naar aanleiding van deze melding is onderzoek gedaan naar de door verdachte omgewisselde Bitcoinadressen. Uit dat onderzoek, dat is uitgevoerd met behulp van het programma ‘Chainanalysis’, blijkt dat meer dan de helft van de bitcoins binnen één of twee tussenstappen is terug te voeren naar darkweb markten. De rechtbank gaat uit van de juistheid van die resultaten en constateert dat een deel van de door verdachte verhandelde bitcoins gelieerd zijn aan darkweb markten.

De rechtbank gaat niet mee met de officier van justitie dat er sprake is van witwassen als gronddelict. De rechtbank deelt wel het standpunt van de officier van justitie dat darkweb markten in de regel worden gebruikt voor criminele doeleinden en dat daarbij bitcoins worden gebruikt als betaalmiddelen. Uit het dossier kan echter niet worden vastgesteld dat verdachte wist, of daar ernstig rekening mee moest houden, dat de bitcoins die hij verhandelde afkomstig waren van darkweb markten en dus dat het criminele bitcoins waren. Wel is er volgens de rechtbank sprake van een vermoeden was dat de bitcoins afkomstig waren uit enig misdrijf en er aldus een vermoeden van witwassen bestaat. De verdachte wordt veroordeeld voor twintig maanden gevangenisstraf.

Veroordeling van drugshandel via AlphaBay en gebruik van bitcoinsmixers

Op 24 januari 2018 is door de rechtbank Midden-Nederland een 24-jarige man veroordeeld tot een gevangenisstraf van zes jaar voor internationale drugshandel met gebruik van Darknet markets en witwassen. Alphabay is lange tijd het meest populaire darknet market voor drugshandel geweest.

Uit de bewijsvoering blijkt dat de verdachte door opsporingsambtenaren in de gaten is gehouden. Deze activiteiten van de verdachte wegen mee als bewijs. Zo wordt opgemerkt: “Door het profiel ‘[gebruikersnaam]’ waren in totaal 31 advertenties geplaatst. De titels van deze advertenties bevatten onder meer de volgende teksten: “50g MDMA Very High Quality”, “50x 100 Dollar Bills Green Very High Quality”.

In de uitspraak wordt opgemerkt dat de verdachte een stichting had opgericht voor de uitbetalingen van cash geld in ruil voor bitcoins. In de uitspraak staat:

“Op 16 januari 2016 werden bij het bedrijf Bitonic alle transacties gevorderd die betrekking hadden op de negen betrokken bankrekeningen op naam van Stichting [stichting]. Uit de uitgeleverde informatie bleek dat over de periode van 26 maart 2015 tot en met 14 november 2016 voor € 501.165,38 aan bitcoins waren verzilverd. Alle negen rekeningen bleken, hoewel bij Bitonic voorzien van verschillende namen, volgens de verstrekking van de ING-bank op naam te staan van rekeninghouder Stichting [stichting]”.

Door de politie is ook onderzoek gedaan naar de bitcoinadressen die door verdachte werden gebruikt. Door middel van analyse met behulp van het programma Chainanalysis blijkt dat er veel betalingen en ontvangsten van en/of naar deze adressen via zogenaamde mixers liepen. Een mixer wordt aangeboden door diverse partijen. Deze stellen een bitcoinadres ter beschikking waar men bitcoins op kan storten. De mixer betaalt vervolgens deze bitcoins terug aan de klant na aftrek van een kleine ‘fee’. De bitcoins worden op een groot aantal verschillende bitcoinadressen gestort. In totaal werden 430 bitcoinadressen ingevoerd in Chainanalysis. Naast het gebruik van mixerdiensten bleek dat er een aantal transacties gelinkt was aan darknet markets. Daarmee is sprake van een aantal witwastypologieën. Niet alleen (1) staan de transacties niet in verhouding tot de inkomsten van verdachte, maar er is ook (2) geen legale economische verklaring voor de gewisselde valutasoorten, (3) er zijn grote geldbedragen contant opgenomen en zonder noodzaak voorhanden gehouden en (4) er is gebruik gemaakt van bitcoinmixers.

Ook is een 26-jarige vrouw nog veroordeeld voor schuldwitwassen. Zij heeft ruim 130.000 euro crimineel geld in haar bezit gehad en uitgegeven. De rechtbank oordeelt dat zij had moeten weten dat dit geld een criminele herkomst had.